Bijlage(n) toevoegenBijlage toevoegen
kies uit bibliotheek
verwerk gedropte files...

Ombudsman Metropool Amsterdam

Column: Kabinet, zing eens een toontje lager

Ook in coronatijd blijven we een reislustig volkje. Afgelopen kerst vertrok ik in een Transavia-vliegtuig vol Nederlanders naar Jordanië. Bij aankomst op Queen Alia Airport te Amman wachtte een batterij PCR-testers in witte kledij. Het ging voortvarend: alle reizigers waren binnen 15 minuten getest. Het was dienstverlenend, vriendelijk en punctueel. De Jordaanse overheid perkt de bewegingsvrijheid van mensen pas in als is vastgesteld dat daar reden toe is. Je hoeft niet verplicht in quarantaine bij aankomst.

Terug op Schiphol was de toon anders. Op Schiphol kreeg ik dwingend te horen dat ik een quarantaineverklaring moest invullen en bij aankomst thuis direct in zelfisolatie moest. Tien dagen lang zou mijn voordeur de grens zijn, tenzij de GGD me op de vijfde dag negatief testte.

Thuisgekomen belde het ministerie van VWS met de vraag of ik werkelijk thuis was. Ook kreeg ik te horen dat een BOA mij kon komen controleren, op straffe van een boete van 600 euro. Op de vraag of ik een wandelingetje kon maken in de straat, want wel zo gezond, kreeg ik te horen: ‘U wil toch niet onze veiligheid in gevaar brengen?’

Ik krijg een vervelende nasmaak van de toon waarop de Nederlandse overheid omgaat met ons. De Nederlandse regering adverteert dat we ‘samen’ Nederland veilig houden, maar de praktijk komt eerder dwingend en eenzijdig opleggend over.

Nederland kent al sinds eeuwen een ‘horizontale’ poldertraditie. We zijn ‘18 miljoen bondscoaches’, allemaal kritisch en eigenwijs. Dat is soms strontvervelend als bestuurder in Nederland.  Een tasty-walk wordt bedacht door onze horeca die bekijkt wat ondanks alles nog wel kan. Dat is de kracht van ons kikkerland.

Natuurlijk wil de regering daadkracht uitstralen en doet zij haar uiterste best. Maar in plaats van uitbreiding van medische zorg hoge prioriteit te geven en mensen eigen verantwoordelijkheid te laten nemen, gaat het kabinet voor een toon van dwang en drang.

En waarom wordt de last om te bedenken hoe we uit deze crisis komen steeds vooral met een clubje van OMT-intimi besproken? Dit kan veel meer ‘samen’, zoals wordt gezegd. Dat vergt echter ook wat van de regering en niet van burgers alleen.

De kunst is om het maatschappelijk organiserend vermogen in Nederland te activeren.

Geef meer regelruimte aan lokale overheden, sector- en brancheorganisaties, burgers en ondernemers om dingen in coronatijd zelf te regelen. Wie weet worden Nederlandse slimmigheden dan wereldwijd bekend.

En waardeer het als iemand twijfels uitspreekt, maak een conflict productief en toets vooraf of coronamaatregelen voldoen aan elementaire rechtsbeginselen als proportionaliteit. Probeer als bestuurder in discussies te luisteren. Niet met het doel om de discussie te winnen, maar om te begrijpen en iets nieuws te leren. Dat is een opstap naar een andere bestuurscultuur.

Bij deze andere cultuur, hoort trouwens ook nog iets anders. De strakke blauwe pakken en de glanzende dienstauto’s versterken de door de burger ervaren afstand tot Den Haag. Daarom geef ik als ombudsman, wellicht wat verrassend, ook wat kledingadvies bij de volgende persconferentie:

“Kom van het podium af en doe wat gewoons aan. Dan doe je al gek genoeg.”

 

Deze column verscheen op 20 januari 2022 in Binnenlands Bestuur